Luizenmoeder of resonantie? Lezing Sander Schelberg

Luizenmoeder of resonantie? Lezing Sander Schelberg Lezing op het symposium ter gelegenheid van de ingebruikname van de Waterstaatskerk door de PKN gemeente Hengelo op 16 mei 2018. In maart van dit jaar was aflevering drie van de luizenmoeder. U hebt deze aflevering wellicht gezien. Het schoolhoofd Anton heeft iets opgevangen van een joods- christelijke traditie en men besluit het kerstspel weer te gaan spelen. Er ontspinnen zich allerlei discussies of dat wel kan op een openbare school en ‘of we dan ook iets aan het Suikerfeest gaan doen’. Zo ook over het te organiseren kerstdiner. Zo sneuvelen in deze aflevering alle zingevende verhalen die mensen elkaar kunnen vertellen, ze worden cynisch weggehoond, niet nagevoeld, stomweg ontkend. Om plaats te maken voor wat? Was deze Luizenmoeder grappig? Nee. Wel: grimmig. Eigenlijk heel grimmig. De hele schoolbevolking spiegelde een samenleving waar op geen enkel moment nog iets van een gezamenlijke noemer werd gevonden. Daar hielp ook de ‘joods-christelijke’ traditie niet meer bij. Er is geen verhaal, noch ritueel meer dat wordt gedeeld. Elke poging daar wel toe te komen wordt gefrustreerd door de eisen die ieder individu stelt. Theoloog en predikant Ferdinand Boger stelde in Trouw dat: ‘De conflicten die dat oplevert kun je in deze fase nog wel hilarisch noemen, maar de vraag is of dat zo blijft. De macht is aan het individu. En die macht betekent een constante en doodvermoeiende onderlinge strijd waarmee een samenleving zich uiteindelijk uitput’ Geachte Dames en heren, ter voorbereiding op deze dag vroeg dominee Koetsveld mij een verhandeling te houden over hoe ik dacht over het belang van de kerken in de huidige samenleving. Ik wil eerst met u kijken hoe onze huidige versnellende samenleving er überhaupt uitziet. Vervolgens zoek ik naar de redenen waarom die samenleving zo snel seculariseert en wat het individu dan wel beweegt. Ik sluit af door die versnellende samenleving te verbinden met de religie. In de resonantie ligt de hoop. Dit alles omdat is als burgemeester of liever burgervader streef naar een lokale samenleving waarin het goed samenleven is. Veilig, waar we de mens centraal stellen, een rechtvaardige samenleving en dat in de juiste machtsverhoudingen. Die elementen staan alsmaar meer onder druk. Daar wil ik even bij stilstaan. Kent u dat? Het constante gevoel dat u ‘een gebrek aan tijd’ hebt. Het neemt spectaculaire en epidemische vormen aan. We hebben het drukker dan ooit. We willen ook steeds meer doen in alsmaar minder tijd. En doordat we de tijd als schaarse hulpbron gaan beschouwen voelen we ons opgejaagd en gestrest. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat er een duidelijke tendens is dat we alsmaar sneller eten, minder slapen en minder met het gezin communiceren. Ik heb mij voor deze inleiding mede laten inspireren door een studie van de Duitse socioloog Hartmunt Rosa, ‘leven in een tijd van versnelling’ Essentieel is dat we mogen concluderen dat de moderne samenleving kan worden bestempeld als een versnellingssamenleving. Ik ga daar even dieper op in om de echte herkenning bij u los te maken. In een versnellingssamenleving is de maatschappelijke drijfveer ‘de concurrentie’. Ook in vrijwel alle sferen van het sociale leven. Zelfs in de kunsten waar je ‘moet winnen’ en zoveel mogelijk kaartjes of boeken verkopen om indruk te maken op de jury voor een ‘Award’. Alleen al in Nederland bestaan er 112 literaire prijzen. Niet het boek of de voorstelling is genoeg; maar wel de awards. Maar ook in het religieuze leven waar men elkaar beconcurreerd om de gelovigen. Het aantal vrienden op facebook of likes over uw lichamelijke aantrekkelijkheid is een heel gangbare sociaal competitieve vorm geworden in onze samenleving. En waar komt die behoefte van versnelling nou vandaan? Ik weet niet wie gezegd heeft dat ‘de wijze waarop je naar het leven kijkt afhankelijk is van de manier waarop je naar de dood’ kijkt. Nog concreter; denkt u aan het eeuwig leven in het hiernamaals of is het YoLo? In de moderne seculiere samenleving vormt de versnelling dus een functioneel equivalent van de religieuze belofte van het eeuwig leven; you only life once. En hoe rijk, vol of goed een leven is, is in het moderne leven een leven met zoveel mogelijk ervaringen met een hoge intensiteit. En dat allemaal vanuit het idee; het goede leven is het vervulde leven. Toen een aantal jaren geleden mijn collega in Haren letterlijk met zijn handen in het haar zat rondom de Facebook rellen (waar is dat feestje). Wisten we ’the day after’ niet wat ons overkomen was. Wat gebeurde daar nu? Job Cohen heeft het onderzocht en kwam eigenlijk met 1 antwoord ‘YOLO’. Waarom niet, weer een vinkje op de lijst. Dus het hele leven, met als zijn diepte en -hoogtepunten en ingewikkeldheid zo goed mogelijk te genieten is het centrale streven van de moderne mens. U kent het wel; de bucket-list. Dat die versnelling daarbij een centraal thema is omdat we in die manier van denken zelfs een onbeperkt aantal levens kunnen leven. Tot zover geen probleem. U werkt enige bucket-lists af in uw leven en u kunt op uw sterfbed in het grootste geluk afscheid nemen. Maar helaas ik moet de moderne mens teleurstellen. Dit streven creëert door zichzelf een constante teleurstelling. Want de versnelling zorgt voor meer ervaringen: ‘dat we weer iets gemist hebben’, dan dat we ervaringen daadwerkelijk gerealiseerd hebben: de versnellingskringloop. Die versnellingskringloop houdt in dat de technische versnelling de maatschappelijke verandering versnelt en dat weer op zijn beurt ons levenstempo. En ook die versnelling vraagt weer om een nieuwe technische versnelling. Mooi voorbeeld is de e-mail. Niet zo lang geleden schreven we elkaar een brief. Toen kwam de techniek met de e-mail. Maar in plaats van een zee van tijd zijn we heel veel mails gaan sturen en wordt er ook nog eens verwacht dat we die mail binnen een dag beantwoorden, ons levenstempo. En omdat de mail via de pc niet snel genoeg gaat heeft de techniek weer bedacht dat het ook op uw telefoon kan, die daardoor ’smarter’ wordt. En u ondertussen horendol. Want u heeft er ook nog sms berichten, whats-app en Snapchat. Ziet u de kringloop? Toch heeft de moderne mens soms ook behoefte aan verlangzaming. Gek genoeg wel op een moderne wijze. Rosa noemt dat de functionele, versnellende verlangzaming. Herman Finkers noemde het ooit ‘kalm aan en rap wat’. U kent het wel; een weekend retraite in een klooster of een yogacursus. Om daarna op maandag weer helemaal opgeladen weer aan het werk te gaan in een hogere versnelling De moderne samenleving wordt niet gereguleerd en gecoördineerd door middel van expliciete normatieve regels maar door de stomme normatieve kracht van vergankelijke normen zoals deadlines, planningen en tijdsbeperkingen. Als we als maatschappij vaststellen dat we duurzamer moeten leven met deze wereld is de versnelling onze grootste vijand. Neem nou uw spullen. We raken totaal vervreemd van de materie. We repareren niets meer omdat we vervreemd zijn geraakt. De morele consumptie gaat sneller dan de feitelijke slijtage. Als mijn telefoon alsmaar smarter wordt dan wordt de kloof tussen dat ding en mij almaar groter en raak ik vervreemd. Het betekent niets meer. Al was het maar omdat ik in gebreke blijf om dat ding helemaal goed te kennen. Ik heb er geen tijd voor. De maatschappelijke versnelling leidt dus tot nieuwe ervaringen van tijd, ruimte, nieuwe sociale interactievormen. En dat leidt weer tot de verandering hoe de mens zich ‘in deze wereld’ voelt staan. Hoe verhoud ik mijzelf tot de medemens of tot materie? De versnelling en de concurrentie kent geen innerlijke grenzen ze mobiliseert een enorme individuele en maatschappelijke energie. Maar zuigt die uiteindelijk ook weer helemaal op. Misschien denkt u dat u zich daaraan wilt onttrekken. Maar dat zal nog niet zo makkelijk gaan. Aan een dictator kunt u zich nog een beetje onttrekken. U komt in verzet of vlucht. Maar aan de versnelling is een heel ander verhaal. Het moderne ruimte-tijdregime is allesomvattend en allesdoordringend. De druk is enorm en alsmaar talrijker. Wie heeft er geen lot van de postcodeloterij in de angst de miljoenen te kunnen gaan missen. De hellingen van het leven worden alsmaar gladder zeker voor de mens die niet langer meer het gevoel heeft overeind te kunnen blijven staan. Bang om achterop te geraken. Het individu is in de moderne samenging in moreel en ethisch opzicht vrijer dan ooit. Niemand schrijft u meer voor wat u moet doen, wat je moet geloven, hoe men moet denken of liefhebben. Dat maakt ook dat er nog nauwelijks bindende sociale, religieuze of culturele normen bestaan. We zijn excessief vrij. Ja was dat maar waar. Want terwijl we ons zo vrij voelen worden we aan de andere kant sterker beheerst door een voortdurende lijst van maatschappelijke verplichtingen; de retoriek van het moeten. Ik moet nu echt gaan werken. We zij een schuldig subject omdat we gewoonweg nooit in staat zijn om de to-dolist volledig af te werken. En nu kunnen we wel allemaal vrij zijn en ons niets gelegen laten liggen aan god-noch gebod. Maar onze sociaal-economische macrovoorwaarden oftewel een goede samenleving is geen ongecontroleerde optelsom van dat individuele geluk. Kritiek die ik als burgemeester alsmaar vaker hoor is dat; ‘de politiek zoveel tijd vraagt voor een besluit’. En dat klopt ook. De moderne mens is veel minder conventioneel geworden en veel pluralistischer. Dus de democratie wordt daarmee een nog tijdsintensiever proces. En omdat politiek en samenleving zich niet meer laten synchroniseren in deze tijd is de politiek ook niet meer de overheersende factor voor het tempo van de verandering. Ik kom bij het tweede deel van mijn verhaal. Waar misschien een antwoord kan liggen voor de religie. Wat doet die versnelling nog meer met ons? De jachtige tijd vraagt naar snelle bevrediging zoals de televisie kijken en niet een inspanning waar veel tijd voor nodig is nodig voor een lange termijn bevrediging. Bijvoorbeeld de jarenlange studie voor het leren bespelen van een viool. De televisie wint het maar levert geen bevrediging op. De vioolstudie verliest het ondanks de kans op een positieve lange termijn bevrediging. Het gekke is dat we zelfs daarin maar zelden slagen. Ik heb een prachtige telescoop gekocht om de sterren eens van dichtbij te bekijken. Maar het duurde een paar dagen voordat ik met het ding naar buiten ging. En dat viel ook nog niet mee dus duurde het weer weken voordat ik het weer eens opstelde. Toen was het weer niet goed. Omdat het allemaal niet 1-2-3 lukte kocht ik er maar een bijpassende camera bij. Het blijkt allemaal een vals belofte. Ik was helemaal vergeten wat ik er eindelijk mee wou doen. U mag zelf invullen wat u met uw hometrainer hebt gedaan. De moderne mens weet nauwelijks nog wat authentiek of belangrijk voor ons is. ‘Eigenlijk ben ik heel anders, maar daar kom ik maar zelden aan toe’. De beleefde en herinnerde tijd raken omgekeerd evenredig aan elkaar. Wanneer we iets doen waarvan we intens genieten dan vergaat de tijd over het algemeen snel. En aan het einde kijkt u terug op een enerverende en ‘lange’ dag. We stappen morgen in het vliegtuig naar Milaan bekijken daar de stad en vliegen door naar de Riviera om daar wat te eten en we vliegen terug; ik durf te wedden dat u daarop terugkijkt als ware het drie dagen, een lange herinnering dus. Het omgekeerde is ook waar. Een saaie dag waarop u lang in wachtkamers moet zitten of moet luisteren naar een lezing van de burgemeester terwijl we op onze horloges kijken. Die dag zal in uw herinnering op magische wijze in een vloek en een zucht voorij zijn gegaan in uw herinnering. Ons geheugen heeft souvenirs nodig om te herinneren aan de vakanties. En dan komt het grote gevaar van zelfvervreemding op de loer. De filosoof Ehrenberg typeert dat als de ‘uitgeputte zelf’, weet u het nog de Luizenmoeder? De moderne samenleving barst van die, zoals Rosa dat zo mooi benoemt, van die kort-kort ervaringen. In deze tijd hebben we vaker te maken met handelingen en contexten die volledig los van elkaar staan. We hebben de neiging om rijk te zijn aan belevenissen maar arm aan ervaringen. Mag ik het hier noemen; wel een kaarsje opsteken in het voorbijgaan, maar minder devotie. Misschien moeten we het ene niet laten om het andere wellicht te bereiken. Tijdens de Lambertuskermis, op de uitgaansavond steken 2500 feestgangers een kaarsje op in de kerk. Misschien is het slechts een belevenis. Misschien wordt het voor twee mensen een ervaring. Vanaf deze week zijn er Bach cantates hier te horen in de Waterstaatskerk. Een belevenis op weg naar een ervaring? Ter voorbereiding op mijn afronding. We kunnen concluderen dat het nu eenmaal zo is dat er een versnellende samenleving bestaat. Die mens is wat hij is. Maar als burgermeester ervaar ik ook de nadelige effecten. Voor een goede samenleving hebben we meer nodig dan een optelsom van individuen. En ook voor het individu is het wezenlijk van belang om te weten waar we om geven, waar je je druk over maakt. Al is het maar om een burn-out te voorkomen. Want de vraag; ‘wat is het goede leven?’, moet toch beantwoordt met het antwoord op de vraag ‘hoe willen we leven en ons verhouden tot elkaar’. En is hoop ik toch meer dan een antwoord is op de vraag: ‘hoe willen we onze tijd doorbrengen?’. Bent u het met mij eens dat resonantie het tegengestelde is van vervreemding? Ja autonomie van het individu is belangrijk. En die autonomie wordt niet beperkt door resonantie. Het is een bijstelling of een aanvulling op een geslaagd leven. Het ‘mens-zijn’ betekent onherroepelijk ‘in een wereld te zijn’ of jezelf in een samenleving te vinden die voor ons betekenis heeft. En waar vindt je die resonantie? Waar vinden we die kort-lang herinneringen, waar zijn de ervaringen i.p.v. belevenissen? In die zoektocht is het essentieel dat het een emotie is, een intrinsieke interesse en een antwoord heeft op de verhouding tot de wereld. De kunsten, de natuur en religie kunnen aan die voorwaarden voldoen. In een open houding zijn die in staat om de moderne mens weer een doel te geven en onderdeel laten zijn van een goede samenleving. In de laatste aflevering van de luizenmoeder koos Juf Ank niet voor een stap als schoolhoofd maar ging naar de ‘school met de bijbel’. Ze had haar doel gevonden en voelde zich weer mens in een wereld die haar betekenis gaf.